Haarproblemen

Alopecia areata :betekent pleksgewijze kaalheid. Het is een ziekte van de haarwortels. De plekken waar de haarwortels zijn aangetast, zijn in de regel rond of ovaal. In de plekken vallen (vrijwel) alle haren uit, terwijl de huid eromheen een normale haargroei toont. Het gevolg is dat er één of meer kale gebieden ontstaan. (meer )

Hoe ontstaat alopecia areata?

De precieze oorzaak van alopecia areata is onbekend. Als oorzaak van alopecia areata wordt gedacht aan een stoornis in het afweermechanisme van het lichaam, de immuniteit. De afweer is als het ware ontspoord en richt zich niet tegen infecties van buitenaf maar tegen het eigen lichaam, in dit geval tegen de haarwortels. Men denkt dat alopecia areata van immunologische oorsprong is.
Dit wordt versterkt doordat gebleken is, dat mensen met deze ziekte verhoudingsgewijs iets vaker lijden aan andere ziekten die gepaard gaan met stoornissen in het afweersysteem. Dit kunnen sommige schildklierziekten, vitiligo (witte plekken op de huid), of bepaalde vormen van bloedarmoede zijn. Of spanningen en teveel stress alopecia areata kunnen uitlokken of verergeren is niet bekend. Waarschijnlijk spelen deze factoren slechts een ondergeschikte rol.

Wat zijn de verschijnselen van alopecia areata?

De kale plekken blijven vaak beperkt tot het behaarde hoofd. In principe kunnen zij ontstaan op alle lichaamsgebieden waar normaal haren groeien, zoals wenkbrauwen, baard, oksels en schaamstreek. Ook komt het voor dat het haar niet pleksgewijs uitvalt. Men ziet dan gelijkmatig en verspreid over de gehele hoofdhuid haaruitval optreden.

In zeldzame gevallen valt al het hoofdhaar of al het lichaamshaar uit; vaak zijn dan ook de nagels aangetast. Meestal blijft de aandoening echter beperkt tot een of enkele kale plekken op de hoofdhuid. Het verloop van alopecia areata is erg grillig en bij iedereen anders. Het is moeilijk te voorspellen of en wanneer het haar terugkomt en of het daarna weer zal uitvallen. Alopecia areata treedt aanvalsgewijs op.
Dikwijls merkt degene die het betreft zelf niets van haaruitval, maar worden de kale plekken ontdekt door de kapper, familieleden of vrienden. In de meeste gevallen ziet men spontaan herstel van de haargroei binnen enkele maanden tot jaren. In sommige gevallen treedt echter geen totale genezing op. Ook komt het voor dat de haargroei zich in de oorspronkelijke plekken herstelt, maar er ergens anders opnieuw kale plekken ontstaan.

Soms is er uitbreiding tot een volledige kaalheid van het behaarde hoofd of van het gehele lichaam. De kaalheid is echter niet per definitie onherroepelijk. In principe kan het haar altijd weer terugkomen. Het is zelfs zo dat 80% van alle gevallen spontaan binnen 6 maanden herstelt. Alopecia areata tast op zich de lichamelijke gezondheid niet aan. Men kan hiermee net zo oud worden als ieder ander. Kaalheid kan echter de psyche (geest) zozeer treffen, dat het leggen van contacten ernstig wordt bemoeilijkt.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Omdat alopecia areata een totaal andere aanpak behoeft dan andere vormen van haaruitval, is het stellen van de juiste diagnose belangrijk. Wanneer het haarverlies met scherp omschreven kale plekken op de hoofdhuid begint, is de diagnose niet moeilijk te stellen. Ingewikkelder wordt het, als de ziekte alleen op andere behaarde lichaamsgebieden, zoals de wimpers, wenkbrauwen of de baardstreek optreedt. Soms is aanvullend onderzoek van de haarwortels en/of huidweefsel noodzakelijk om andere haarziekten uit te sluiten.

Welke behandeling geven wij tegen alopecia areata?

In de meeste gevallen herstelt de haargroei zich spontaan binnen enkele jaren. Dit betekent dat men eigenlijk altijd het natuurlijke beloop zou moeten afwachten. Alopecia areata is voor veel mensen een bedreigende ziekte. Voor hen is het moeilijk een afwachtende houding aan te nemen. Om het herstel van de haargroei te bespoedigen, kunnen de volgende behandelingsmethoden worden overwogen:

Prikkeltherapie

Dit is het aanbrengen van zalven, crèmes of lotions, die irritatie opwekken van de hoofdhuid. Een voorbeeld hiervan is Pekelharing-lotion. Of prikkeltherapie effectief is wordt in twijfel getrokken.

Corticosteroïden

Dit zijn hormonen die het lichaam ook zelf maakt. Corticosteroïden beïnvloeden het afweersysteem. Door toevoeging van corticosteroïden hoopt men de abnormale afweerreactie in de alopecia-plekken te onderdrukken. Men kan corticosteroïden als zalf, crème of lotion op de huid aanbrengen.

Ook kunnen corticosteroïden in de huid van de kale plekken worden ingespoten. Dit is pijnlijk. Soms ziet men dat na enkele weken inderdaad hergroei van de haren optreedt. Dit is echter nogal eens van tijdelijke aard. Wordt de behandeling gestopt, dan kunnen de haren weer gaan uitvallen.

Systemische behandeling met pillen

Minoxidil wordt vaak als "wondermiddel" tegen alle vormen van kaalheid aangeprezen. Bij alopecia areata heeft 5% minoxidil-lotion wellicht enig effect.

Lichttherapie

Met behulp van een hoogtezonbehandeling (ultraviolette straling) kunnen bij een deel van de patiënten in het begin goede resultaten worden geboekt. Wanneer de haargroei zich echter heeft hersteld, kan het licht niet meer tot de huid doordringen en valt het haar meestal weer uit.

Lokale immuuntherapie

In ernstige gevallen kan deze, nog niet algemeen toegepaste, methode worden overwogen. De patiënt wordt eerst overgevoelig (allergisch) gemaakt voor een bepaalde stof, meestal diphencyprone. Daarna worden de kale plekken ingepenseeld met de desbetreffende stof zodat ter plaatse een allergisch eczeem ontstaat. Door deze allergische reactie, die verder geen nadelige gevolgen heeft, worden de haarwortels als het ware gestimuleerd, waardoor de haargroei bij een aantal patiënten terugkomt.

Wat kunt u zelf nog doen ?

Camouflage

Storende alopecia-plekken kunnen gecamoufleerd worden met een pruik of haarstukje. De ziekenfondsen en de particuliere verzekeraars hanteren hiervoor een vergoedingsregeling.

Dieet

De haargroei is niet te beïnvloeden door dieetmaatregelen. Ook vitamines helpen niet. Extra toevoeging van mineralen heeft eveneens geen zin. Onderzoek van de haren op eventuele tekorten (haaranalyse) is niet aan te bevelen. Haaranalyse levert geen enkele aanvullende informatie op die van belang is voor de genezing van alopecia areata.

Wat zijn de vooruitzichten

Het beloop van de ziekte wordt ongunstig beïnvloed indien:

  • de aandoening in de jeugd is ontstaan
  • andere ziekten van immunologische oorsprong bij de patiënt of in zijn (haar) familie voorkomen
  • andere lichaamsgebieden, waar normaal haren en/of nagels groeien, aangetast zijn
  • alopecia areata in de familie voorkomt

Alopecia Androgenetica : ook wel de mannelijke en vrouwelijke hormonale kaalheid genoemd) is de meest voorkomende vorm van structurele haaruitval bij mannen en vrouwen. Alhoewel het om dezelfde ziekte gaat is het patroon van haaruitval anders voor mannen dan voor vrouwen. Bij mannen valt het haar opzij (inhammen) en bovenop uit. Bij vrouwen dunt het haar voornamelijk bovenop uit.Alopecia Androgenetica is een vaakgestelde diagnose bij mannen en vrouwen. Bij mannen ongeveer 96% en bij vrouwen 75% (meer)
Men kan de haargroei verdelen in 3 fases, nl.:
Anagene fase: groeifase 1-6 jaar, 1 tot 3mm per dag
Catagene fase: rustfase
Telogene fase : afbraak
Hoe ouder iemand is hoe korter de anagene fase wordt, dit is eigenlijk een normaal proces. Naarmate de haarzakjes gevoelig zijn voor het DHT wordt het groeiproces aanmerkelijk versneld en vallen de haren dus eerder uit. Of Alopecia Androgenetica een haarziekte is, daar bestaan discussies over en daar is men dus nog niet helemaal uit. Haaruitval is een natuurlijk proces, maar door de overgevoeligheid van de haarzakjes voor DHT kan het een en ander versnellen. 25% van de vrouwen boven de 50 heeft last van Alopecia Androgenetica.
Er zijn 8 fases te benoemen in het verloop van de haaruitval:
Te beginnen bij het krijgen van een dunnere inplant bij de scheiding, tot het verlies van het gehele hoofdhaar bovenop het hoofd.
Er is nog geen eenduidig antwoord op de vraag of Alopecia Androgenetica erfelijk is. Op het moment wordt er door de wetenschappers weinig onderzoek naar Alopecia Androgenetica gedaan omdat andere ziektes vaak ernstiger of levensbedreigend zijn. Wel doen de grote cosmetische bedrijven onderzoek naar Alopecia Androgenetica, vaak in samenwerking met een universitair ziekenhuis.
Oorzaken Alopecia Androgenetica:
Aangeboren afwijking aan de bijnierschors (bloedprikken)
IJzertekort (bloedprikken)
Overgang, de mannelijke hormonen nemen de overhand, testosteron, DHT, alpharestastase
Overgevoeligheid van de haarzakjes voor het mannelijk hormoon, DHT
Trichotillomanie TTM : is een impuls controle stoornis, een soort van drang die zich uit door herhaaldelijk haren ergens uit het lichaam te trekken. Een gewoonte wat op den duur kan leiden tot veel haarverlies. Dit kan dus zijn op het hoofd, de wimpers en wenkbrauwen, haren van armen of benen, maar ook de schaamharen, borstharen, neus en snor/baardharen. (meer)
TTM (trichotillomanie)
Het woord Trichotillomanie komt uit het grieks; thrix=haar, tillein=eruit trekken, mania=gestoord. De naam is bedacht door een jonge Franse Dermatoloog, Hallepeau genaamd in 1889. Maar waarschijnlijk komt het haren trekken al veel langer voor, want er word zelfs in de bijbel over gesproken, in het boek van Ezra in het oude testament van de bijbel, vers; 9.3.
TTM komt zowel bij mannen als bij vrouwen voor en het is niet aan leeftijd gebonden. 70 tot 90% van de haartrekkers is vrouw. De leeftijd waarop de TTM zich kan openbaren is verschillend, er zijn gevallen bekend van kinderen van 2jaar of zelfs nog jonger, maar er zijn ook gevallen van mensen van rond de 60jaar bekend.
Mensen met TTM kunnen ook nog symptomen hebben van andere ocd's, zoals dwangmatige gedachten hebben of handelingen uitvoere, en veelal angststoornissen en depressies. Maar ze kunnen ook last hebben van andere tics zoals: krabben en pulken aan de huid, nagels bijten, duimzuigen, op de lip bijten, neus pulken, de uitgetrokken haren deels of helemaal opeten(trichophagy).
Waarom doet een TTM-er het?
Waarom? Dat kunnen TTM-ers zichzelf wel een miljoen keer afvragen maar daar is geen antwoord op. Wel is het vaak zo dat hij/zij spanning voelt voordat hij/zij gaat haren trekken of plukken zoals het ook wel wordt genoemd. De TTM-er is onrustig, voelt zich gespannen of gestressed. Een ander gaat nagels bijten of steekt een sigaret op, maar TTM-ers gaan haren eruit trekken. Een TTM-er wil het niet doen, maar moet gewoon toegeven aan de drang die gevoeld wordt. Het kan zijn dat er een tinteling of een kriebel wordt waargenomen en hij/zij vervolgens met de handen er naar toe gaat. Nadat de TTM-er geplukt heeft kan hij/zij een lekker ontspannen gevoel hebben, maar dat is maar van korte duur want al gauw krijg hij spijt en wordt kwaad omdat er weer eens toegegeven is aan het rare gedrag. Kortom het is dus een manier om spanningen kwijt te raken, maar wel op een rare manier die hij/zij liever niet had.
Wat veroorzaakt TTM
De oorzaak(en) zijn nog niet duidelijk. Er zijn verschillende theorien over, maar te weinig informatie om dat hard te maken. Zo word er gesproken over een onbalans van bepaalde chemische stoffen in de hersenen zoals Serotonine. Maar ook traumatische ervaringen kunnen de oorzaak zijn. En dan worden er ook nog stress en een streptokokken-infectie genoemd. In ieder geval wordt er nog (te) weinig onderzoek naar gedaan en de onderzoeken die er zijn, lopen niet lang genoeg door om een goed beeld te krijgen. Dr. Fred Penzel denkt dat TTM een genetische oorsprong heeft en dat een evt. verstoorde gezinssituatie of traumatische ervaring,juist niet de oorzaak zijn van TTM. Het kan er wel toe bijdragen dat het plukken erger wordt en het gedrag langer in stand word gehouden.
Onder welke omstandigheden kan een TTM-er gaan plukken?
Er zijn bepaalde plaatsen en omstandigheden waarin TTM-ers kunnen gaan plukken. Deze kunnen zijn: bij het tv-kijken, als je een boek leest, als je aan de telefoon staat, als je achter de pc zit, als je in de auto zit, of als je op het toilet of in de badkamer bent. Dit zijn situaties waarin je je ontspant, dan komt de drang om te plukken opzetten. Maar ook in situaties waarbij je je juist heel erg gespannen voelt, kun je gaan plukken.
Behandeling en medicijnen tegen haaruitval zoals Trichotillomanie
De medicijnen die het meeste gebruikt worden voor TTM zijn:
clomipramine (anafranil)
sertraline (zoloft)
fluvoxamine (luvox)
lithium carbonate (lithobid,eskalith)
paroxetine (paxil)
valproate (depakote)
Deze middelen behoren tot de zgn.SSRI's. SSRI staat voor: Selective Serotonin Reuptake Inhibitors. Medicijnen hebben bij lang niet elke TTM-er resultaat. In een onderzoek naar de effecten van medicijnen vs gedragstherapie door de Katholieke Universiteit Nijmegen (zie links) is naar voren gekomen dat medicijnen geen effect hadden en gedragstherapie wel.
Wat kunnen de gevolgen zijn van TTM?
Behalve dan dat er haarverlies optreedt, wat opvalt of wat nog verborgen kan worden, kan het zijn dat het haar wat teruggroeit wit van kleur is en gekroest is. Verder kan het zelfvertrouwen en de eigenwaarde er een behoorlijke deuk door oplopen, hij/zij kan jezelf helemaal terug trekken, omdat hij/zij zich schaamt voor het vreemde gedrag en voor het dunne haar of de kale plekken. Hij /zij kan sociale omstandigheden gaan vermijden, hij/zij kan zich dan eventueel minder goed ontwikkelen op sociaal gebied en moelijker relaties aangaan, of niet het beroep uitoefenen dat hij/zij wilde. Dit alles kan verregaande gevolgen hebben, soms voor het hele leven. Hij/zij kan behoorlijk angstig en wantrouwend door het leven gaan, omdat hij/zij bang is om te vertellen over de TTM, maar ook bang om afgewezen te worden en niet geaccepteerd.
Ook kan TTM veel kosten met zich meedragen, omdat er veel mensen met TTM met een haarwerk of een haarstuk door het leven gaan. Dit zijn dan hulpmiddelen om fatsoenlijk mee door het leven te kunnen gaan. Dit hulpmiddel heeft ook verzorging nodig dat elk jaar weer terug komt. Een goed passend haarwerk of haarstuk kan ook moeilijk te vinden zijn. Verder zijn er mensen met TTM die de haren na dat ze die hebben eruit getrokken niet weggooien, maar ze gedeeltelijk of helemaal opeten, dit wordt Trichophagy genoemd. Dit kan op de lange duur gevaarlijk zijn, omdat de haren niet verteren en dus achter blijven in de ingewanden. Dit kan dan leiden tot verstopping en een operatie is dan nodig. In Amerika is een geval bekend van een meisje waarbij een haarbal van zo'n 2 kg operatief verwijderd werd. Maar buiten dit alles zijn er ook mensen met TTM die op een gegeven moment vastlopen en niet verder kunnen met hen leven zoals het is en daardoor in de ziektewet en uiteindelijk in de Werklozensteun terecht komen.
Verschillende vormen van TTM
Het haren trekken gebeurt procentsgewijs het meeste op het hoofd. Maar het kan ook zijn dat alleen maar wimpers en wenkbrauwen eruit getrokken worden. Combinaties zijn ook mogelijk. Er zijn mensen die als ze een haar eruit hebben getrokken, ze deze een keer of meerdere keren doormidden trekken. Maar ook komt het voor dat er alleen op de haren gebeten wordt, als deze een bepaalde lengte hebben. Ook knippen aan de haren alsof het een obsessie is komt voor. En vergeet het pincet ook niet, want daarmee kan ook worden geplukt, om de korte haren te pakken te krijgen waar je niet goed bij kunt. Bij kinderen gebeurt het, dat ze op een kant van het hoofd een of meerdere haren eruit trekken, om ze vervolgens samen met de duim in de mond te steken om erop te duimen.
Hoeveel komt TTM voor?
In Amerika schijnt zo'n 2% van de bevolking eraan te lijden, dat aantal schijnt 1% te zijn in Nederland. Dus dat is een groot aantal mensen dat eraan lijdt, waarvan er veel zijn die niet eens weten dat het een stoornis is, en het zelfs een naam heeft.
Wat doen TTM-ers als ze plukken?
Het kan zijn dat de TTM-er zich niet bewust is van het feit dat hij/zij plukt en in een soort van trance verkeert, maar de meeste TTM-ers weten wel dat ze het doen. Het haren trekken of plukken gebeurt met een hand of beide handen of zelfs met een pincet. Voordat hij/zij plukt of trekt dan voelt hij/zij vaak eerst aan de haren, hij/zij voelt of de haren mooi glad zijn of juist niet. De haar die niet mooi glad is of gekroest is of zelfs niet de juiste kleur heeft, die trekt hij/zij er vervolgens uit. Het kan ook zijn dat hij/zij niet echt op zoek is naar een "foute" haar, maar juist steeds naar dezelfde plek word gelokt.
Hij/zij voelt op die bepaalde plaats een prikkel of een kriebel of jeuk, en daar gaan de handen vervolgens automatisch naar toe. Alsof hij/zij ze niet onder controle heeft. Een TTM-er denkt dan heel vaak "nee niet doen", maar toch gaan de handen naar de haren. Het kan zijn dat hij/zij steeds op een zelfde plek plukt, zoals op de kruin, of aan de zijkanten van het hoofd boven de oren, of voor op het hoofd daar waar de pony loopt, maar het kan natuurlijk ook op andere plaatsen.Ook zijn er mensen die niet echt op een plek blijven, maar die dunnen het haar als het ware uit. Een beetje hier en daar dus.
Als de haren er uitgetrokken zijn dan worden ze weggegooid, maar er zijn ook mensen die er mee gaan spelen a.h.w., ze wrijven de haren langs het gezicht of langs de lippen. Weer anderen die bijten op de haar en eten ze deels of helemaal op.
Of de haren worden bekeken hoe ze eruit zien, en worden als fout bestempeld. En als hij/zij dus een kale plek of dun haar heeft dan probeetr hij/zij dat te verbergen. En dat gaat TTM-ers goed af. Hij/zij gaat vaak naar de kapper en die doet het haar, of hij/zij gaat juist niet omdat hij/zij zich schaamt. Men kan haarstukjes of een pruik gebruiken om het te verbergen. Maar ook haarspelden, petjes,hoofddoeken en hoeden doen de truc
Haaruitval door chemotherapie :
tast de haarcellen aan,waardoor het haar broos wordt en afbreekt of uitvalt. Haaruitval kan van persoon tot persoon verschillen en hangt ook af van de medicijnen, de dosis en de duur van de behandeling. Sommige mensen worden volledig kaal, bij anderen wordt het haar dunner. Behalve hoofdhaar kunnen ook wenkbrauwen, wimpers, schaamhaar en ander lichaamshaar uitvallen. Haarverlies treedt meestal op twee tot drie weken na het begin van de behandeling.Haaruitval door chemotherapie is altijd tijdelijk. Het haar begint na de behandeling of tegen het einde van de behandeling weer te groeien. De kleur of het uitzicht van het haar kan veranderd zijn.